Fobie

 Persoonlijke benadering

Wetenschappelijk

Kwaliteit

Onderzoek

Fobie

Bij een fobie is sprake van een onredelijke extreme angst voor specifieke objecten, mensen of plaatsen. Voorbeelden hiervan zijn spinnen, de tandarts of hoogtes. De angst kan samengaan met lichamelijke verschijnselen als transpireren, hartkloppingen, een drukkend gevoel op de borst of paniekgevoelens. Vaak weet je wel dat de angst ongegrond is, maar de angst wint bijna altijd.

Fobie en de hersenen
Naar de biologische achtergrond van een fobie is nog nauwelijks onderzoek verricht. Een sociale fobie komt biologisch gezien sterk overeen met een paniekstoornis. Daarbij is waarschijnlijk sprake van een verstoring in het noradrenaline en serotonine systeem.
Wanneer een (Q)EEG meting wordt gedaan is een overactiviteit van de hersenen zichtbaar. Dat wil zeggen dat het aandeel snelle hersengolven te sterk aanwezig is. Door de overactiviteit is sprake van een zogenaamde corticale hypersensitiviteit. Het brein is extra gevoelig wordt voor prikkels en je kan je gespannen of gejaagd voelen.


Fobie en neurofeedback

Als uit een hersenmeting blijkt dat er inderdaad sprake is van een overactiviteit in de hersenen kan gestart worden met neurofeedbacktherapie. Neurofeedback kan verbetering geven doordat de hersenen leren hun afwijkende activiteit te verbeteren. De hersenactiviteit wordt getoond in een computerspel. Elke keer als een positieve verandering in de hersenen plaatsvindt, gaat het spel goed. Vertonen de hersenen niet het gewenste patroon dan gaat het spel niet goed. Door de hersenen telkens te belonen zullen ze leren vaker en langer een gewenst patroon van activiteit te vertonen en nemen de klachten, die bij het oude patroon hoorden, af. Dit is een actief leerproces, waardoor de effecten veel lager blijven dan bijvoorbeeld met medicatie het geval is.

Effect van neurofeedback
Door met neurofeedback de overactiviteit in de hersenen te laten afnemen, voel je je minder angstig en gespannen. Soms kan afgebouwd worden met medicatie. Dit gaat wel altijd in overleg met de huisarts.

Aanvullende behandeling
Bij angstklachten wordt ook psycho-educatie, cognitieve gedragstherapie en eventueel medicatie aangeraden. Dit kan voorafgaand aan of tegelijk met neurofeedbacktherapie plaatsvinden. Bij cognitieve gedragstherapie wordt ingegaan op denkpatronen en laat de therapeut je inzien dat het angstgevoel het gevolg is van een verkeerde interpretatie. Snels Biofeedback voert geen cognitieve gedragstherapie uit, maar wil je er meer over weten dan kan je gerust contact met ons opnemen. Voor vragen over medicatie kan je het beste bij de huisarts terecht